Begin bij wat er al in het toestel zit

De eerste vraag is de goedkoopste, en ze wordt het vaakst overgeslagen: draait er al software op het toestel?

Staat er een processor in die Linux draait, dan is het antwoord meestal een extra stuk software op wat er al is. Geen nieuwe print, geen extra module, geen tweede voeding, en niets dat opnieuw door een keuring moet. De meerkosten per toestel zijn dan zo goed als nul. Dit is bijna altijd het beste scenario, en het is ook het scenario waar u het minst snel over hoort.

Zit er wel een stuurkaart in maar is de firmware gesloten, dan kan u het toestel meestal nog van buitenaf uitlezen. Via Modbus, via een seriële poort, of desnoods door pulsen te tellen. Dat is niet elegant, maar het werkt en het is goedkoop. De beperking is dat u alleen ziet wat het toestel toevallig naar buiten brengt.

Zit er niets in, dan is er wél nieuwe hardware nodig. Pas dan wordt de tweede vraag relevant.

Wat mag het per toestel kosten?

De prijs van uw eigen product bepaalt wat er redelijkerwijs bij kan.

Bij een goedkoop toestel is de interessantste optie vaak een kleine radiomodule, waarbij de telefoon van de gebruiker of de installateur de gegevens doorgeeft. Geen simkaart, geen abonnement, geen terugkerende kost. U levert wel in op continuïteit: de gegevens komen pas binnen wanneer er iemand in de buurt komt. Voor een toestel dat één keer per maand wordt bezocht, is dat vaak ruim voldoende.

Bij een toestel in het middensegment ligt een goedkope wifimodule voor de hand, aangesloten op het netwerk van de klant. De hardware kost weinig. Wat u erbij krijgt is het netwerk van die klant, en zijn IT-afdeling. Die ondersteuningslast is de echte kost, niet de module.

Bij een duur toestel, of wanneer het echt altijd moet werken, is een industriële module met een eigen verbinding het verstandigst. U bent dan niet afhankelijk van wat de klant toelaat, en u kan uitspraken doen over beschikbaarheid die u ook waarmaakt.

Welke verbinding past bij het gebruik?

Er is geen beste verbinding. Er is er één die past bij hoeveel gegevens er heen en weer moeten, hoe snel dat moet, hoeveel stroom er is, en wie de eigenaar is van het netwerk.

Een vaste kabel is het betrouwbaarst wanneer er al een ligt en de IT-afdeling het toelaat. Wifi is het goedkoopst en levert de meeste supportvragen op. Een simkaart is duurder in aanschaf maar maakt u onafhankelijk van de klant, wat de enige echte manier is om beschikbaarheid te garanderen. Technieken voor kleine berichten over lange afstand zijn ideaal voor een meterstand per uur en volstrekt ongeschikt voor iets anders.

Wat moet slim precies betekenen?

Deze vraag komt in de praktijk als laatste en beslist toch over alle vorige.

Wilt u af en toe een waarde uitlezen, dan werkt bijna alles. Wilt u meekijken terwijl het toestel draait, dan heeft u een permanente verbinding nodig. Wilt u het toestel ook op afstand bedienen, dan komt daar een beveiligingsverhaal bij dat u niet kan overslaan.

En wilt u de software op het toestel op afstand kunnen bijwerken, dan valt daarmee een groot deel van de goedkope opties weg. Updates hebben bandbreedte nodig. Dat is meteen de duurste eis die u kan stellen, en tegelijk degene die het meest oplevert: een toestel dat u niet kan bijwerken, moet u bezoeken.

Dit is ook de eis die het vaakst te laat opduikt. Wanneer de module gekozen is en de behuizing al getekend, is terugkomen op deze vraag duur.

Waarom u dit antwoord zelden krijgt

Wie u hierover advies geeft, verkoopt meestal ook iets.

Een leverancier van industriële gateways verkoopt gateways. Een aanbieder van simkaarten verkoopt abonnementen. Een platform rekent per toestel per maand. Geen van hen zal als eerste zeggen dat er al Linux op uw toestel draait en dat u dus niets terugkerends hoeft te betalen. Niet uit oneerlijkheid, maar omdat dat antwoord hun eigen model onderuithaalt.

Dat verklaart waarom een eenvoudige vraag vaak een dure offerte oplevert. Niet omdat uw situatie dat vroeg, maar omdat niemand aan tafel er belang bij had ze kleiner te maken.

Wij zijn zelf door die zoektocht gegaan voor de laadpalen van Veton, voor we het beheer op afstand uiteindelijk zelf gebouwd hebben. Alles wat toen op tafel lag, ging uit van dure randapparatuur met een licentie per toestel erbovenop. Voor wat wij nodig hadden, klopte dat niet.

Wat u het beste eerst doet

Beslis wat slim moet betekenen voor dit specifieke product, en pas daarna welke techniek dat afdwingt. In die volgorde. Andersom kiest u hardware waar de eis later niet in past.

Concreet is dat het werk van twee dagen: kijken wat er in het toestel zit, vastleggen wat het moet doorgeven en of het bijgewerkt moet kunnen worden, en op basis daarvan bepalen welke van de vier wegen de uwe is. Wat dat oplevert is een keuze die u kan verantwoorden, voor er een module besteld en een behuizing getekend is.

En als blijkt dat er al software op uw toestel draait en er niets bij hoeft, dan hoort u dat ook.